Posts tonen met het label waarheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label waarheid. Alle posts tonen

zondag 13 oktober 2013

Week 42 - De waarheid spreken

'Maar omdat wij dezelfde Geest van het geloof hebben, overeenkomstig wat geschreven staat: Ik heb geloofd, daarom heb ik gesproken, geloven ook wij, en daarom spreken wij ook.'
HSV

'Wij bezitten die geloofshouding waarover de Schrift zegt: Ik geloofde, en daarom heb ik gesproken. Ook wij geloven en daarom spreken we ook.'
GNB

2 Korinthiërs 4:13


Dit is mijn laatste stukje naar aanleiding van het kalendertje van Beth Moore.
Ik wil niet zeggen dat dit mijn laatste stukje is (en afbeelding met gedicht) maar wel voorlopig.
Er is (nog) niets anders in de plaats gekomen, dus ik neem een tijd van ‘rust en ruimte’ om mij te richten op andere dingen en ik zie vanzelf wel hoe of wat.
Hoewel het af en toe heel pittig was en ook heel intensief, was het een goede tijd om zo  iedere week met Gods woord bezig te zijn en ik heb er dan ook heel erg veel van geleerd.
Daarnaast heeft het mijn geloof zeer verdiept en verrijkt.
Soms had ik het gevoel me in allerlei bochten te moeten wringen om het af te krijgen, dat mijn man weleens zei: ‘joh, laat toch een keertje,’ maar ik voelde me als een pitbull die ergens zijn tanden inzet en niet meer loslaat.
Tegelijkertijd zorgden deze momenten er juist ook voor dat ik meer dan ooit besefte hoe afhankelijk ik wel niet ben van Zijn Heilige Geest, terwijl er ook momenten waren dat ik binnen no-time iets op ’papier’ had staan, waarvan ik zelf niet begreep hoe het mogelijk was, dan behalve door de leiding van Zijn Geest.
Soms gaf God, soms liet Hij mij worstelen en graven tot tranen toe, maar altijd weer leerde ik en kreeg menig kijkje in mijzelf.
Wat een rijkdom!

Er zijn echter door het schrijven ook dingen blijven liggen, waar ik niet (meer) aan toe kwam, en vandaar dat het ook goed is om een tijd van rust en ruimte te hebben nu.
En misschien brengt God wel weer iets nieuws om over te schrijven op mijn pad, wie zal het zeggen.
Ik sta er altijd open voor, vanwege de zegen die het brengt in de eerste plaats altijd voor mijzelf.
Het laatste blaadje van de kalender gaat over de waarheid, de waarheid spreken, en dan hebben we het natuurlijk over Gods woord.

Een laatste citaat van het kalendertje:

‘Als je gelooft en de waarheid van Gods woord spreekt, is het alsof je gereanimeerd wordt door de Heilige Geest.’

Ik heb wel even goed moeten na denken over de woorden ‘alsof je gereanimeerd wordt door de Heilige Geest’, maar hoe langer ik er over nadacht, hoe meer ik me realiseerde dat het eigenlijk ook zo is.
Tot nog toe had ik niet het juiste woord kunnen vinden dat omschreef wat er gebeurde en hoe ik mij vervolgens voelde, toen ik in zeer moeilijke omstandigheden uit wanhoop woorden uit de Psalmen ging proclameren.
Maar als ik dit citaat lees en herlees en de woorden tot me door laat dringen, dan is dit precies hetgeen er gebeurde.
Ik werd inderdaad ‘gereanimeerd’.
Reanimatie wil zeggen ‘het hart weer op gang brengen’, of  ‘beademen’, of ‘tot leven wekken’ en ook wel ‘weer bezielen’.

Het exacte moment kan ik me niet meer herinneren, noch welke woorden het precies waren, maar tot op de dag van vandaag weet en voel ik nog steeds wat er gebeurde toen ik Gods woord ging proclameren.
Er gebeurde iets van binnen; er gebeurde iets met mijn hart!
Mijn verwonde en beschadigde hart, dat alleen nog maar kon huilen van wanhoop en verdriet, dat zo zoekende was naar iets van troost van God, naar Zijn kracht om vol te houden, werd met het hardop uitspreken van Zijn woorden  als het ware gereanimeerd.
Met het hardop lezen en uitspreken van Gods woord was het alsof met iedere tekst er een stroomstoot werd gegeven om het hart weer op gang te brengen.
De eerste paar verzen deden nog niet zoveel; ach, mijn hart was ook zo verwond.
Maar met ieder vers dat ik las en uitsprak was het alsof er een stroomstoot werd gegeven.
En nog een stroomstoot, en nog één, en nog één, en nog één …
En ineens … daar was het moment waarop mijn hart weer ging ‘kloppen’; kracht doorstroomde mijn hart en met ieder volgend vers dat ik las werd het sterker en sterker, totdat ik alleen maar kon huilen van vreugde om wat Hij, door Zijn woord heen, in mij had gedaan.
Nog nooit had ik zo de kracht van Gods woord ervaren, maar ik had ook nog nooit zo Zijn woord uitgesproken, geproclameerd.
Met het uitspreken werden mijn gevoelens en gedachten stuk voor stuk overstemd totdat uiteindelijk Gods woord alleen nog telde.

O, welk een rijkdom vond ik in de Psalmen in deze tijd van nood!
Als er één boek is in de Bijbel die werkelijk alle menselijke gevoelens die er zijn weergeeft, dan is het het Bijbelboek ‘Psalmen’ wel.
Voor elke omstandigheid, of voor hoe je je ook voel zijn er wel Bijbelteksten te vinden.
Maar nog kostbaarder en belangrijker is het feit dat de Psalmisten, en met name David, hun Psalmen bijna altijd eindigen met het uitspreken van hun vertrouwen op God om wie Hij is.
En daarmee komen we bij de kern van de ‘stroomstoot’.
Eigenlijk kun je wel zeggen dat het uitspreken van wie God is, wat Hij gedaan heeft (en nog steeds doet) de ‘stroomstoot’ is.
Alle handelingen die worden verricht voordat je, zeg maar de ‘AED’, kunt gebruiken, kun je vergelijken met alle teksten die je uitspreekt over hoe je je voelt, in welke omstandigheden je verkeert etc., maar de uiteindelijke stroomstoot is het uitspreken van wie God is, wat Hij gedaan heeft en doet.
Dat is wat het hart beademt, het hart bezield, het hart weer tot leven brengt.

Psalm 13 is hier een prachtig voorbeeld van.
‘Hoelang nog, Here, hoelang nog?!?’, schreeuwt David uit, maar hij eindigt met de woorden: ‘Op Uw liefde vertrouw ik, Heer. Ik juich van vreugde, want U brengt redding. Over U zal ik zingen, want U bent goed voor mij.’

Soms moeten we ons eigen hart herinneren aan wie God is!
Soms moeten we gewoon ons eigen hart laten reanimeren door Gods Geest!
Als wij Gods woord opnemen en het hardop gaan uitspreken, dan zal Gods Geest Zijn werk doen in ons,
Hij zal ons hart ‘beademen’ en daarmee opnieuw tot leven wekken.

‘Want het Woord van God is levend en krachtig en scherper dan enig tweesnijdend zwaard, en het dringt door tot op de scheiding van ziel en geest, van gewrichten en merg, en het oordeelt de overleggingen en gedachten van het hart.’
Hebreeën 4:12

Gods woord is levend en krachtig!

'Dit is mij tot troost in mijn ellende: dat Uw belofte mij levend heeft gemaakt.'
HSV 
Ps. 119:50

'Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad.'
HSV
Ps. 119:105

'Het opengaan van Uw woorden geeft licht, het schenkt eenvoudigen inzicht.'  - HSV
'Uw woorden zijn deuren naar licht, inzicht krijgt wie nog in het duister tast.'  - GNB
Ps. 119:130

'Uw woord is zeer gelouterd, …'
HSV
Ps. 119:140

'Op wat de Heer zegt, kun je aan. 
Zijn woorden zijn zuiver als zilver, als zilver in de oven gelouterd, tot zevenmaal toe.'
GNB 
Ps. 12:7

'Wat deze God doet is volmaakt, de Heer kun je op Zijn woord vertrouwen; een schild is Hij voor wie bij Hem schuilen.'
GNB 
Ps. 18:31

'Uw rechtvaardige getuigenissen zijn voor eeuwig; geef mij inzicht, dan zal ik leven.'
HSV
Ps. 119:144

Gods woord is waarheid en daarom levend en krachtig.
Het is ons door God gegeven als leidraad voor ons leven, maar ook als wapen om mee te strijden!

‘Voorts, weest krachtig in de Here en in de sterkte Zijner macht.
Doet de wapenrusting Gods aan, om te kunnen standhouden tegen de verleidingen des duivels; want wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers dezer duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten.

Neemt daarom de wapenrusting Gods, om weerstand te kunnen bieden in de boze dag en om, uw taak geheel vervuld hebbende, stand te houden.
Stelt u dan op, uw lendenen omgord met de waarheid, bekleed met het pantser der gerechtigheid, de voeten geschoeid met de bereidvaardigheid van het evangelie des vredes; neemt bij dit alles het schild des geloofs ter hand, waarmede gij al de brandende pijlen van de boze zult kunnen doven; en neemt de helm des heils aan en het zwaard des Geestes, dat is het woord van God.
En bidt daarbij met aanhoudend bidden en smeken bij elke gelegenheid in de Geest, daartoe wakende met alle volharding en smeking voor alle heiligen; …'

Efeze 6:10-18

Gods woord is het krachtigste wapen dat er is.
Het maakt levend, het troost, het is een lamp, het geeft inzicht, het beschermd, het leidt, het geeft hoop, het …

Gods Woord.
Waarheid.
Leven.


Lieve Vader in de hemel.
Dank U wel, dat U Uw Woord aan ons hebt gegeven.
Dank U wel, voor de ontzagwekkend grote liefde van U die daarin doorklinkt en zichtbaar is.
Dank U wel, dat U daar doorheen laat zien wie U bent, wat U gedaan hebt en wat U nog zal gaan doen.
Dank U wel, voor Uw richtlijnen, die er altijd op zijn gericht met ons welzijn voor ogen.
Heer, Uw gedachten zijn hoger dan onze gedachten en Uw wegen hoger dan onze wegen, maar doe ons Uw woord verstaan in wat we nodig hebben, in inzicht, in leiding, in …
Leer ons ook om Uw woord als wapen te gebruiken, ook daarvoor heeft U het ons gegeven.
Het proclameren van Uw woord, het hardop uitspreken van Uw woord zal de onzichtbare wereld in beweging brengen, zal ons hart in beweging brengen, en daardoor leven brengen.
Maak Uw woord tot de adem voor onze ziel, opdat we U zullen leren kennen, liefhebben en eren.
Tot de dag dat we thuis worden gehaald.
In de Naam van Hem die het levend geworden woord en de waarheid is, bid ik U dit.
In de Naam van Jezus bid ik U.

- Amen -


Woord van God,
wees de adem voor het gebroken hart.
Woord van God,
wees de adem van kracht in alle smart.

Levend en krachtig
is immers Uw woord, o God,
en scherper dan
een tweesnijdend zwaard.
Het is de lamp, het licht,
dat voor misstappen
behoed en bewaard.

Het is de verkwikking voor de ziel
en geeft troost en hoop
in elk verdriet en gevaar.
Uw woord, o God, is gelouterd
en zie, het is zuiver,
volmaakt en waar.

Woord van God,
wees de adem voor het gebroken hart.
Woord van God,
wees de adem van kracht in alle smart.


Gods rijke zegen
en een liefdevolle groet,
Rita

zondag 1 september 2013

Week 36 - Duisternis

'Als wij zeggen dat wij gemeenschap met Hem hebben en wij toch in de duisternis wandelen, liegen wij en doen de waarheid niet.'
HSV

'Als we zeggen dat we met Hem verbonden zijn, en tegelijk duistere wegen bewandelen, dan liegen we en handelen we in strijd met de waarheid.'
GNB

1 Johannes 1:6


Kind van God, kind van Het Licht.
Zijn je wegen recht voor Zijn aangezicht?
Wandel je in Zijn waarheid, in Zijn licht,
of ben je ergens voor de duisternis gezwicht?

Kind van God, kind van Het Licht.
Kun je recht staan voor Zijn aangezicht?
Verdraagt je leven Zijn niets bedekkend licht,
of toont het waar je voor de boze bent gezwicht?

De bovenaanstaande tekst doet mij deze vragen stellen.
We zijn kinderen van Het Licht; kinderen van Hem die Het Licht is en in wie totaal geen duisternis is.
Maar zijn onze wegen zo, dat ze Zijn Licht kunnen verdragen?
Zijn we echt met Hem verbonden?
Of zeggen we dat we met Hem verbonden zijn en wandelen we tegelijk op duistere wegen?

Satan gaat rond als een briesende leeuw, zegt de Bijbel, op zoek naar wie hij kan verslinden.
Maar hij doet zijn werk ook heel geniepig en gemeen door middel van leugens en bedrog.
De dingen net zo verdraaien dat ze recht lijken, maar in wezen zo krom zijn als een hoepel en haaks staan op wat Gods woord ons zegt.
We hoeven slechts te kijken naar Adam en Eva, naar hoe Jezus werd verzocht in de woestijn.
‘God heeft zeker gezegd …’ (Genesis 3)
‘Als U de Zoon van God bent …; want er staat geschreven dat God Zijn engelen zal sturen en …’  (Mattheüs 4:1-11)
Zolang de boze met de botte bijl hakt, herkennen we hem nog wel als zodanig, maar wat als hij zich vermomd als een engel des lichts?
2 Korinthiërs 11:1-15 laat een andere kant van de satan en zijn dienaren zien.
Sluw en zich voordoend als …
Hierdoor kunnen we soms ongemerkt op verkeerde wegen terecht komen.
Want als de dominee het zegt …
(of voorganger, pastor, evangelist …)

Maar ook de tijd waarin we leven maakt het niet makkelijker om Gods wegen van waarheid en licht te bewandelen.
Overal om ons heen zien we, dat God en Zijn woord verlaten wordt; Hij en Zijn woord verbannen wordt.
Compromissen, onder het mom van ‘om erger te voorkomen’ worden gesloten, terwijl het compromis Gods woord, Gods waarheid, met voeten treedt.
Dingen worden gewoon, moeten kunnen, want iedereen doet het.
Grenzen worden verlegd, want je moet wel met je tijd mee gaan.
God is liefde, en zou niet willen dat …
Vul maar in.

Abortus, homosexualiteit, euthanasie, echtscheiding, …
Schokkend: de reclame op TV voor Second love!
Er wordt gewoon openlijk opgeroepen tot overspel, als iets wat gewoon moet kunnen en de mogelijkheid er toe wordt zo makkelijk gemaakt.
Inspelen op de vraag naar.
Hoever zijn we niet afgedwaald!

Wat kijken we?
Wat lezen we?
Wat doen we?
Waar ligt de scheidslijn in onze keuzes en beslissingen?
Hoe voelen we ons te midden van deze dingen?
Doet het ons nog iets, of laat het ons hart koud?
Welke invloed hebben al deze dingen op ons persoonlijk leven?
Wat doet het met ons?
De Here Jezus zegt in Johannes 17 dat we niet van deze wereld zijn, maar in hoeverre is ons leven inmiddels één geworden met de wereld door de sluwheid waarmee de satan te werk gaat?

Verdragen onze keuzes en beslissingen Gods licht?
Kan de Here Jezus naast ons zitten op de bank en meelezen wat wij lezen, meekijken wat wij kijken, of zouden we, als Hij plotseling in levende lijve naast ons kwam zitten, niet weten hoe snel we ons boek/blad weg moeten leggen, of de zender op TV wegzappen naar een ander net?
Of als een razende het kleine kruisje rechts bovenin ons computerscherm aaklikken?

Hoe kijken we naar elkaar en hoe gaan we met elkaar om?
Wat zeggen we tegen en over elkaar?
Is, zoals Paulus zegt, onze vriendelijkheid bij iedereen bekend?
Hoe is het met onze zelfbeheersing, vergevensgezindheid, geduld, …?
Maken we van ons hart een moordkuil, of …?
Wat leeft er eigenlijk in ons hart?
Komen Gods woord, onze wil en onze handel en wandel wel met elkaar overeen?

De Bijbel zegt:
‘Wie zegt : Ik sta in het licht, en zijn broeder haat, leeft nog altijd in de duisternis. Wie zijn broeder liefheeft, leeft in het licht en komt niet ten val. Maar wie zijn broeder haat, staat in de duisternis en tast in het donker rond.
Hij weet niet in welke richting hij gaat, omdat de duisternis hem blind gemaakt heeft.’
1 Joh. 2:9-11

‘Verlies uw hart niet aan de wereld of aan iets dat bij de wereld hoort.
Als iemand zijn hart verliest aan de wereld, is er in hem geen plaats voor de liefde van de Vader.
Want al het wereldse, alles waarop de mensen hun zinnen zetten en waarvan ze hun ogen niet vanaf kunnen houden en alle aardse zaken waarvan de mensen zo hoog opgeven, dat alles komt niet uit de Vader voort maar uit de wereld.’
1 Joh. 2:15,16

Wie of wat heeft het voor het zeggen in ons leven?
De wereld of Gods woord?
Wat gewoon gevonden wordt of wat afwijkt omdat het van God komt al zoveel jaren geleden?

Het zijn één en al vragen die deze keer bij mij boven komen en die wachten op een antwoord van mij, van ons allen, aan God.
Die wachten om onder de loep genomen te worden, omdat ze eeuwigheidswaarde hebben en een verandering in ons leven kunnen uitwerking.
Een verandering die onze persoonlijke relatie met Hem ten goede komt, omdat ons wel of niet verbonden zijn met Hem hierdoor herstelt kan worden.

Met Hem verbonden zijn, en blijven, is en moet het belangrijkste doel in ons leven zijn.
‘Heb God lief boven alles (met heel je hart, heel je ziel en met heel je verstand) en je naaste als jezelf’  (Mattheüs 22:37-39)

Hoe kunnen we weten of we met Hem verbonden zijn.
1 Johannes 2:6 geeft het antwoord (even beginnend in vers 5): ‘Hieraan kunnen we zeker weten of we met Hem verbonden zijn. Wie zegt dat hij in God blijft, moet leven zoals Jezus geleefd heb.’

Leven zoals Christus geleefd heeft is de enige manier om in God te blijven, met Hem verbonden te zijn.
Jezus was alles wat Hij zei of deed, gericht op de wil van Zijn Vader.
De wil van Zijn Vader stond altijd en in alles voorop.
Zo moet ook in ons leven wat God wil voorop staan.

Het is niet makkelijk om als kinderen van Het Licht te leven in deze duistere wereld.
De duisternis om ons heen kan ons zo benauwen, ons het leven zo moeilijk en zwaar maken.
Staande blijven is niet makkelijk, maar uiteindelijk meer dan de moeite waard.

‘Die wereld (waarover in vers 16 wordt gesproken; zie een klein stukje hierboven), die wereld met al haar verlokkingen gaat voorbij, maar wie de wil van God doet, blijft leven.’
(1 Johannes 2:17)

Gezien de tijd waarin we leven en de vooruitzichten die ons wachten hier op aarde, is het van levensbelang dat we ons leven regelmatig brengen in Zijn Licht, om te zien of we nog leven in overeenstemming met Hem; dat we niet alleen zeggen dat we met Hem verbonden zijn, maar het ook werkelijk zijn.
Voor ons persoonlijk en voor de buitenwereld mag dit zo lijken, maar God ziet ons hart en weet wat er ten diepste in ons leeft.
God ziet wat we doen, wat we lezen, waar we naar kijken, als er niemand anders bij is.
Kan wat we doen bestaan in Zijn Licht?


Lieve Vader in de hemel.
Zoveel vragen komen deze keer boven als ik stilsta bij dit woord van U.
Ik bid U, dat U mij (en een ieder die dit leest) leid in het beantwoorden van deze vragen en dat U mij zult laten zien, waar ik het één zeg en het ander doet.
Laat mij zien, Vader, waar mijn leven niet in overeenstemming is met Uw woord.
Laat mij zien, Vader, waar ik keuzes maak die U verdriet doen.
Laat mij zien, als ik, al zou het met één been zijn, in de duisternis wandel.
Laat mij zien, Vader, toon mij waar het verbonden zijn met U, verbroken is of wordt.
O, Vader, ik verlang naar een leven in verbondenheid met U; naar te leven zoals de Here Jezus leefde, maar help mij, want vanuit mijzelf kan ik dit niet.
Kom met Uw Geest, en toon mij, leer mij, help mij en heb geduld met mij.
In Jezus’ Naam.

- Amen -


Kind van God, kind van Het Licht,
buig je neer voor Zijn aangezicht.
Leg je leven open in Zijn licht,
opdat zichtbaar wordt
of je ergens bent gezwicht.


Gods rijke zegen
en een liefdevolle groet,
Rita

zondag 21 juli 2013

Week 30 - Misleiding

'Integendeel, wij hebben de schandelijke, verborgen praktijken verworpen; wij wandelen niet in bedrog en vervalsen ook niet het Woord van God, maar door het openbaar maken van de waarheid bevelen wij onszelf aan bij elk menselijk geweten, in de tegenwoordigheid van God.'
HSV

'Van daden die het daglicht niet kunnen zien en waarvoor we ons moeten schamen, hebben we ons altijd ver gehouden.
Wij gaan niet sluw te werk en vervalsen de boodschap van God niet.
Nee, door de waarheid openlijk te verkondigen bevelen we voor het oog van God ons aan bij het geweten van ieder mens.'
GNB

2 Korinthiërs 4:2


Met misleiding als thema draait het allemaal om waarheid of leugen.
Misleiding wilt zeggen, een opzettelijke en geslaagde poging iemand een onjuiste indruk te geven, en iets gemeens en oneerlijks.
Misleiding houdt ook in: leugen, bedrog, vervalsing, bedriegerij.

Tegenwoordig lezen en horen we regelmatig hoe mensen om de tuin geleid worden met allerlei mooie of zielige verhalen, aan de deur, via de computer of telefoon, en voor ze het door hebben zijn ze soms heel wat geld armer.
Of men denkt de prins van hun dromen gevonden te hebben via een datingsite, maar als het op een ontmoeting aankomt, is de persoon totaal anders dan de foto liet zien.
Of die prachtige auto op marktplaats, of via een advertentie …
Ach, we kennen denk ik allemaal wel verhalen over misleiding; zijn ze niet uit eigen ervaring, dan wel waar we over gehoord of gelezen hebben.
Naast verdriet, zal boosheid dan vaak de boventoon voeren en we nemen ons voor dat ons dit niet nog eens zal gebeuren.
En als het in je naaste omgeving gebeurt, of met iemand die je dierbaar is, dan neem je je voor om heel goed op te letten zodat het jou niet overkomt.
Dit soort dingen maakt een mens waakzaam, of moet ik zeggen wantrouwig?

In ons leven als kind(eren) van God is misleiding ook eigenlijk orde van de dag.
Satan doet er alles aan om Gods kinderen te misleiden en ze zo tot zonde te brengen.
Vanaf het allereerste begin is dit al zo; denk maar aan Adam en Eva en verder zien we het de hele Bijbel door gebeuren.
Helaas is er in dat opzicht tot de dag van vandaag niets veranderd.
Hij deed het toen, hij doet het nu en hij zal het blijven doen tot dat de Here Jezus terugkomt en voorgoed een einde maakt aan zijn praktijken.

De Bijbel zegt over hem:

‘Hij(satan) is vanaf het begin een moordenaar geweest. Hij heeft nooit aan de kant van de waarheid gestaan, omdat er geen waarheid in hem is. Wanneer hij leugentaal spreekt, spreekt hij zoals hij is, want hij is een aartsleugenaar, hij is de vader van de leugen.’
(Johannes 8:44)

Satan is een meester in misleiding.
Laten we nog eens terug kijken naar wat misleiding eigenlijk betekent.
Misleiding wil zeggen: een opzettelijke en geslaagde poging iemand een onjuiste indruk te geven.
En dat is precies ook wat hij keer op keer doet.
Hij deed bij Adam en Eva:

‘God heeft zeker gezegd dat jullie van geen enkele boom in de tuin de vruchten mogen eten?
Sterven? Je zult helemaal niet sterven!
Integendeel, God weet dat jullie de ogen open zullen gaan zodra je ervan eet. Dan zul je aan hem gelijk zijn en inzicht hebben in goed en kwaad.’
(Genesis 3:1-5)

Maar hij probeerde het ook bij Jezus:
‘Als U de Zoon van God bent, zeg dan dat deze stenen veranderen in brood.
Als U de Zoon van God bent, stort U dan naar beneden! Want er staat geschreven: God zal U zijn engelen sturen en zij zullen U op hun handen dragen, U zult Uw voeten aan geen steen stoten.
Ten slotte bracht de duivel Hem op een heel hoge berg en liet hij Hem alle koninkrijken op de wereld zien met al hun pracht.
En hij zei: ‘Dit alles zal ik U geven, als U voor mij neerknielt en mij aanbidt.’
(Mattheüs 4:1-11)

Dat satan een meester is in misleiden, blijkt wel uit de manier waarop hij het doet, of probeert te doen.
Heel geniepig, heel gemeen.
Als hij naar Eva (en Adam) was toegegaan en gezegd had van, joh, je moet van die boom eten, want dan …, dan denk ik niet dat zij zo gauw gegeten had(den) van die boom.
Dan zouden ze waarschijnlijk gereageerd hebben met, nee, echt niet, want God heeft gezegd …
Maar de satan was(is) heel slim en gebruikte de woorden van God, maar verdraaide ze net een beetje.
Precies zo, dat Eva met hem in gesprek ging en daarmee gaf ze de satan precies de ruimte en de mogelijkheid om haar een rad voor de ogen te draaien en om de tuin te leiden, met alle gevolgen van dien.

Later zien we dat hij het ook probeert bij de Here Jezus.
Maar hoe anders is Zijn reactie.
Hij geeft de satan geen ruimte, geen mogelijkheid.
Hij gaat niet met hem in gesprek, maar kapt hem direct af.
Maar Jezus antwoordde: ‘Er staat geschreven: …’

Satan kent Gods woord als de beste en gebruikt, misschien kan ik beter zeggen, misbruikt, het om ons te misleiden.
Juist doordat hij het zo goed kent, kan hij het net zo brengen dat het lijkt alsof het de waarheid is, maar ondertussen is alles in tegenspraak met Gods woord.

Hieraan kunnen we zien hoe ontzettend belangrijk het is dat wij, als kinderen van God de Bijbel kennen.
Dat we hem lezen, er over nadenken, God om wijsheid en inzicht vragen om te begrijpen wat er staat, wat Hij bedoelt.
Hoe hard hebben we de Heilige Geest niet nodig om de gemene streken van de satan te onderkennen en te doorzien.

Er is eigenlijk niet veel veranderd met de tijd van toen en de tijd van nu.
Nog steeds is satan druk bezig met het misleiden van de mens en hij gebruikt daarvoor alles wat nodig en beschikbaar is.
Zo ook voorgangers/dominees.
Sommigen onder hen beschouwen de Bijbel, Gods woord, niet meer als de volle waarheid; sommigen onder hen geloven zelfs niet (meer) in Jezus als onze Redder en Verlosser, en zij worden zo door satan gebruikt om vele mensen te misleiden en bij de waarheid weg te halen.
Want als de dominee het zegt, of de voorganger, nou dan zal het toch wel …
Maar de Bijbel waarschuwt ons voor deze mensen.
2 Johannes 7 - ‘Want er zijn veel misleiders in de wereld gekomen, die niet belijden dat Jezus Christus in het vlees gekomen is. Dat is de misleider en de antichrist.’

De Here Jezus spoort ons aan om goed op te letten dat niemand ons misleidt. (Mattheüs 24:4)
En Johannes zegt ons in 1 Johannes 4:1 om niet alles maar te geloven, maar om te onderzoeken of wat gezegd wordt wel van God is.

Als we satans werk, zijn misleidingen, willen opmerken, dan zullen we Gods woord goed moeten kennen, want het is in het licht van Zijn woord, dat de leugens van de satan bloot komen te liggen.
Want Gods woord is waarheid. (Johannes 17:17)

Als de tijd voor Jezus bijna is aangebroken dat Hij verraden zal worden, bidt Hij voor Zijn leerlingen, maar ook voor ons.
Voor hen (vers 9,10) die God aan Hem heeft toevertrouwd, maar ook voor hen (vers 20) die door hun woord in Mij zullen geloven.
Hij bidt: ‘Heilig hen door Uw waarheid; Uw woord is de waarheid.’

Staan wij daar voor open?


Lieve Heer Jezus.
Dank U wel voor Uw gebed voor mij.
Dank U wel, dat U, met de dood voor ogen nog oog had voor mij.
U wist/weet, wat ons allemaal te wachten stond en staat.
U kent de satan; U weet, meer dan wie dan ook, hoe hij zal proberen ons te misleiden.
U weet hoe wij daarvoor Uw waarheid nodig zullen hebben om dat te kunnen onderkennen.
En zo bad U voor ons terwijl U de dood in de ogen keek.
Hoe groot is Uw liefde voor ons!
Hoe groot …
Hoe groot …
Ja, heilig mij door Uw waarheid, Heer Jezus, ja, heilig mij, door Uw waarheid!
Doe mij Uw woord kennen, doe mij Uw woord begrijpen, doe mij Uw woord vasthouden.
Uw woord is immers waarheid.
U bent de waarheid.
Ja, heilig mij door Uw waarheid, opdat ik de leugens van de satan zal herkennen en bewaard zal blijven voor zijn misleidingen.
In Uw Naam bid ik dit, Heer Jezus.

- Amen -


Satan is de grote misleider,
de vader van de leugen,
een moordenaar vanaf het begin.

Hij is uit op onze ondergang,
ons het leven zuur te maken,
of te leven voor eigen gewin.

Jezus spoort ons aan:
‘Wees waakzaam,
laat niemand je
misleiden.
Ik ben de waarheid;
gebruik Mijn woord
om te strijden.’

Laat je leiden door Zijn woord.
Lees het, overdenk, drink het in,
het is je sterkte, maakt blij.

Het helpt je onderscheiden.
Leugens komen aan het licht,
Gods waarheid maakt vrij!


Gods rijke zegen
en een liefdevolle groet,
Rita

zondag 20 januari 2013

Week 4 - In de waarheid wandelen

'Beproef mij, HEERE, ja, stel mij op de proef, toets mijn nieren en mijn hart.
Want Uw goedertierenheid houd ik voor ogen, ik wandel in Uw waarheid.'

HSV

'Heer, beproef mij, keur mij, toets mijn diepste roerselen.
Uw liefde houd ik steeds voor ogen; overtuigd van Uw trouw ga ik door het leven.'

GNB

Psalm 26:2,3

In eerste instantie gaan mijn gedachten automatisch naar Psalm 139, daar de woorden van deze twee verzen zo ontzettend veel overeenkomsten tonen met bepaalde verzen uit die Psalm.
Maar de insteek van deze Psalm, Psalm 26, is heel anders.
Duidt Psalm 139 meer op Gods alwetendheid, in Psalm 26 onderwerpt David zich aan Gods onderzoek, overtuigt als hij is van zijn oprechte levenswandel.
En met deze laatste woorden komen we ook terecht bij waar het deze keer om gaat, namelijk ‘In Zijn waarheid wandelen’.

David was er van overtuigt dat hij in Gods waarheid wandelde.
Hij durft zijn gehele leven open te stellen voor God om hem te onderzoeken of er ook maar iets te vinden is waar het niet goed zou zijn.
In alle oprechtheid spreekt David deze woorden uit, overtuigt als hij is dat zijn levenswijze in overeenstemming is met Gods waarheid.

De ‘Matthew Henry’ geeft aan, dat David deze Psalm waarschijnlijk schreef toen hij door Saul werd vervolgd, en dat Saul hem als een zeer slecht man voorstelde en hem van vele misdaden beschuldigde.
En van daaruit gaat David naar God toe (vers 1) en vraagt Hem om hem recht te doen, omdat hij gelooft dat hij in oprechtheid leefde, in vol vertrouwen op God.

Het Leven geeft daar een mooie aanvulling bij, die aansluit bij wat de ‘Matthew Henry’ zegt, maar daarvoor moet ik voor alle duidelijkheid even terug naar vers 1 vanuit Het Boek.
‘Laat het recht over mij zegevieren, HERE, want ik ben onschuldig. Ik vertrouwde op de HERE zonder uit mijn evenwicht te raken.’
Het Leven schrijft als extra informatie bij de verzen 1-3 het volgende:
- Door te zeggen dat hij onschuldig is, beweerde David niet dat hij zonder zonde was, dat kan geen mens zeggen. Maar hij bleef voortdurend met God omgaan, waarbij hij als hij zondigde schoon schip maakte door vergeving te vragen. En hij smeekte God zijn naam te zuiveren van de valse beschuldigingen door zijn vijanden. Ook wij kunnen God vragen ons op de proef te stellen, erop vertrouwend dat Hij onze zonden vergeeft overeenkomstig Zijn genade. -

Waarom ik dit zo belangrijk vind om hier zo uitvoerig op in te gaan?
Wel, als je de bovenstaande Bijbelteksten zo even leest, dan kan het overkomen alsof David doet alsof hij nooit zondigt.
‘Uw goedertierenheid houd ik voor ogen; in Uw waarheid wandel ik’.
Maar als we alles bij elkaar leggen en het goed bekijken, dan zien we hoe David dit bedoelt en waarom hij ook kan zeggen dat hij Gods liefde voor ogen houdt en in Zijn waarheid wandelt.

David was een man wiens woorden en levenswijze met elkaar in overeenstemming waren, en waar hij zondigde, openstond voor Gods correctie en straf, voor belijden en vergeving ontvangen.

En dan komt het naar ons persoonlijk toe.
‘In de waarheid wandelen.’
Wandel ik in de waarheid?
Maar wat is dan de waarheid?

Deuteronomium 32:4 zegt: Hij is de rots, Wiens werk volmaakt is, want al Zijn wegen zijn een en al recht. God is waarheid en geen onrecht; rechtvaardig en waarachtig is Hij.
God is waarheid, dus om te weten wat Zijn waarheid is, zullen we Hem moeten kennen.
Dan zullen we ontdekken wat Zijn waarheid is en of wij in die waarheid wandelen.

Wandelen in Gods waarheid betekent leven naar Zijn regels, Zijn geboden, naar wat Hij ons zegt in Zijn woord.
Wandelen betekent ook rustig lopen en niet rennen.
Bij wandelen hoort genieten van wat je ziet en hoort, het in je opnemen en bewaren.
Met rennen loop je de kans aan dingen voor bij te gaan omdat je ze niet kunt zien door de snelheid waarmee je loopt.
Wandelen in Gods waarheid, is dan ook rustig onderzoeken, eigen maken, onthouden, bewaren en er vanuit leven.

David leefde dicht bij God.
Hij had God, Zijn goedertierenheid, Zijn liefde, Zijn genade, steeds voor ogen.
Hij wist wat God vreugde schonk en wat Hem verdriet deed.
Hij hield het voor ogen en leefde vanuit dat oogpunt.
Het was vanuit dat oogpunt dat hij wist dat hij oprecht leefde en hij durfde ook zijn hele ziel en zaligheid bloot te leggen voor God om het door Hem te laten onderzoeken, om Hem te laten kijken of hij nog wel wandelde in Gods waarheid.

Geldt dat ook voor ons?
Zijn wij er ook zo van overtuigt dat wij wandelen in Zijn waarheid dat wij ons hart durven bloot te leggen voor God?

Nu gaan mijn gedachten dan toch ook weer terug naar Psalm 139, naar de laatste twee verzen. (23,24)

‘Doorgrond mij, o God, en ken mijn hart,
beproef mij en ken mijn gedachten.
Zie of er bij mij een schadelijke weg is
en leid mij op de eeuwige weg.’

Gezien de tijd waarin wij leven, is het niet altijd even makkelijk om in Gods waarheid te wandelen.
Als zelfs dominees /voorgangers Gods woord niet meer als 100% waarheid beschouwen, de Here Jezus afschilderen als een goed mens en niet meer als de Zoon van God, om nog maar niet te spreken over Zijn verlossingswerk.
Als er steeds meer compromissen worden gesloten betreffende Zijn woord, dingen onder de noemer ‘God is liefde’ worden weggeveegd uit de Bijbel.
Als de waarheid steeds moeilijker te horen is, en we daarom steeds waakzamer moeten zijn …
Hoe belangrijk kan het dan zijn om regelmatig naar Hem toe te gaan en Hem te vragen:
‘HEERE, doorgrond mij en ken mijn hart, beproef mij en ken mijn gedachten. Zie of er bij mij een schadelijke weg is en leid mij op de eeuwige weg. In Jezus’ Naam. - Amen -


Lieve Vader in de hemel.
Wat is het soms moeilijk om Uw stem te horen te midden van het kabaal van deze wereld, van deze tijd.
Te midden van alle leugens en bedrog.
Te midden van alle onwaarheden die worden verkondigd, zelfs door mensen die als Uw dienstknechten staan opgesteld.
Ik bid U, Vader, doe ons dicht bij U leven, opdat we Uw waarheid zullen onderkennen, zullen zien, zullen horen, te midden van alle leugens en bedrog.
Help ons om waakzaam te zijn en om ons hart regelmatig open te stellen voor U, zodat U ons hart kunt onderzoeken en beproeven en ons terug kan brengen op de eeuwige weg naar U.
Ik verlang ernaar, Vader, om te leven zoals David en om net als hem te kunnen (blijven) zeggen; beproef mij maar, onderzoek mij maar, maar ik weet dat ik in Uw waarheid wandel.
U houd ik voor ogen, Uw goedertierenheid, Uw liefde, Uw genade, Uw trouw.
En waar ik misstap, Vader, belijd ik U mijn zonden, opdat ik vergeving ontvang en in Uw waarheid kan blijven wandelen.
In Jezus’ Naam bid ik U dit.

– Amen –


Heer, ik kom tot U
en bid U,
onderzoek mijn leven,
mijn gaan en staan,
en laat mij zien
of ik mij nog wel
op de juiste weg bevind.

Heer, ik kom tot U
en bid U,
peil mijn gedachten,
mijn diepste roerselen,
en laat mij zien
of U daar nog wel
vreugde in vindt.

Heer, ik kom tot U
en bid U.
Want in Uw waarheid
wil ik wandelen,
Uw liefde voor ogen houden
op alle wegen die ik ga.
Laat mij zien, o HEERE,
of ik mij nog wel
op de eeuwige weg bevind.


©Rita Klapwijk