Alleen bij God is stilte voor mijn ziel; mijn redding komt van Hem. Alleen Hij is mijn rots, mijn redding, mijn burcht, hoe zou ik dan bezwijken. Alleen bij God is rust, mijn ziel; ja, van Hem komt wat ik hoop. Alleen Hij is mijn rots, mijn redding, mijn burcht, ik wankel niet, want Hij zal van mijn zijde niet wijken. In God is mijn redding en mijn eer; Ja, mijn sterke rots, mijn toevlucht is Hij, God de Heer. - Amen - Naar Psalm 62:2,3,6,7,8

zondag 26 februari 2012

Week 9 - Bolwerken

Nu, op deze dag, geef ik je gezag over alle koninkrijken en volken, om ze uit te rukken en te verwoesten, om ze te vernietigen en af te breken, op te bouwen en te planten.’
NBV
Zie, Ik stel u op deze dag aan over de volken en over de koninkrijken,
om weg te rukken en af te breken,
om te vernielen en omver te halen,
maar ook om te bouwen en te planten.
HSV

Jeremia 1:10

Maandag las ik vast even de tekst voor deze week en met in mijn achterhoofd het thema voor deze week - Bolwerken – werd het een moment waarop God, door deze woorden heen, heel persoonlijk tot mij sprak.
‘Nu, op deze dag, geef ik je gezag over alle koninkrijken en volken, om ze uit te rukken en te verwoesten, om ze te vernietigen en af te breken, op te bouwen en te planten.’
Het was op dat moment alsof God mij nog eens heel duidelijk wilde maken, dat Hij mij, als Zijn kind, gezag en daarmee autoriteit heeft gegeven om te heersen over welk bolwerk dan ook.
En zoals ik eigenlijk (bijna) altijd doe, las ik vervolgens eerst de verzen die vooraf gaan aan deze tekst.

De tekst blijkt de laatste te zijn van Gods roeping aan Jeremia.
Een stukje wat ik ook altijd heel bijzonder vind.
Stel je voor, God komt bij Jeremia en zeg tegen hem, dat Hij hem al had uitgekozen nog voordat de moeder van Jeremia zwanger was van hem; nog voor Jeremia ook nog maar geboren was, had God Jeremia al voor Zichzelf bestemd om aangesteld te worden als woordvoeder voor volkeren.
Jeremia vond zichzelf veel te jong en zei dit ook tegen God, maar God antwoordde hem dat hij dat niet mocht zeggen, maar moest gaan en zeggen wat Hij hem opdroeg.
Het is een grote opdracht en God laat Jeremia dan ook niet zomaar gaan.
Hij belooft hem dat Hij bij hem zal zijn om hem te beschermen, en dat hij daarom niet bang hoeft te zijn.
En God deed nog meer.
Hij stak Zijn hand uit en raakte de mond van Jeremia aan en God beloofde Jeremia ook dat Hij hem de woorden zou geven die hij moest spreken.
En met deze belofte gaf God hem gezag over alle volken en koninkrijken.
Gezag om zowel te vernietigen, te verwoesten, te breken, als ook om ze weer op te bouwen, een eigen plaats te geven.

Whauw …
Als vanzelf gingen mijn gedachten gelijk naar de opdracht die wij hebben gekregen van de Here Jezus voordat Hij terugging naar Zijn Vader.

‘Ga, en maak alle volkeren tot leerling;
doop hen in de naam van de Vader,
de Zoon en de heilige Geest,
en leer hun alles onderhouden wat Ik jullie geboden heb.
Weet wel, Ik ben met jullie, alle dagen,
tot aan de voleinding van de wereld.’
Mattheüs 28:19,20

Met de opdracht krijgen ook wij de belofte dat Hij bij ons zal zijn, zoals God dat ook aan Jeremia beloofd had.
En zoals God de lippen van Jeremia aanraakte en hem de belofte gaf, dat Hij hem de woorden zou geven om te spreken en ook het benodigde gezag, zo hebben wij de Heilige Geest ontvangen, Die ons de woorden en de wijsheid zal geven die we nodig hebben op het juiste moment. (Lucas 21:15)

Als ik dan weer aan kom bij de tekst waar het om gaat, dan gaan mijn gedachten naar de bolwerken die kunnen ontstaan in ons denken.
Hele koninkrijken kan satan soms bouwen in ons denken, omdat wij hem daartoe de ruimte geven.
Maar God heeft ons wapens gegeven om die bolwerken, die bouwwerken, die koninkrijken, weg te rukken, te breken, te vernietigen, te verwoesten, volledig te slopen.
Ze zijn niet verdwenen als wij er maar niet meer aan denken en ze verdwijnen ook niet, als wij doen alsof ze er niet meer zijn.
Ze zullen volledig moeten worden gesloopt, zodat er op die plaats weer iets nieuws, iets moois, gebouwd kan worden.

Zoals Jeremia het gezag kreeg om te vernietigen en op te bouwen, te verwoesten en te planten, zo hebben ook wij van God gezag gekregen om bolwerken volledig te verwoesten en iets nieuws te bouwen.

Nog even lees ik in de Matthew Henri Verklaringen.
Ik wil ook nog even weten wat hij over deze tekst (Jeremia 1:10) schrijft.
En wat hij schrijft raakt me opnieuw heel diep.

Hij schrijft:
‘Jeremia is geen vorst die met het zwaard kan heersen over de koninkrijken, hij is een profeet die werkt met de macht van Gods woord.’
- Wij zijn ook geen vorsten die heersen met menselijke wapens over bolwerken, maar we 
  zijn Gods kinderen die werken met de wapens van God.
‘Jeremia werd over de volken gesteld, niet om tol te heffen, maar om uit te roeien en te vernietigen, maar bovenal om te bouwen en te planten.
- Wij hebben door Christus het gezag en de opdracht ontvangen om ieder bolwerk te vernietigen en uit te roeien, zodat Hij meer en meer in en door ons heen kan werken.; zodat we kunnen bouwen en planten in Zijn koninkrijk.

Bouwen en planten is het belangrijkste, maar dit is alleen maar mogelijk als bolwerken van de boze zijn afgebroken; volledig vernietigd zijn.




Lieve Vader in de hemel, dank U wel voor deze woorden.
Dank U wel, voor de wapens die U ons gegeven heeft om bolwerken volledig te slopen.
Ik bid U zo, Vader, open de ogen van ons hart, opdat we mogen zien of er nog bolwerken zijn in ons leven en welke dat zijn.
Kom met Uw Heilige Geest, zodat we deze bolwerken ook volledig kunnen vernietigen.
Dan kunt U bouwen en planten in ons leven, zodat wij op onze beurt weer kunnen bouwen en planten in de levens van anderen.
Dank u wel, voor Uw Heilige Geest in ons, zodat we nooit alleen zijn.
Dank U wel, voor Uw kracht, voor wijsheid, voor woorden, die U geeft op het juiste moment.
Dank u wel, voor Uw bescherming.
Dank U wel,  voor wie U bent.
Ik prijs Uw Naam.

- Amen –

(Zie eventueel ook nog: Met Gods woorden bidden )  




Een klein zaadje viel onopgemerkt
ergens neer in mijn tuin.
Het ontkiemde, groeide
en kwam voorzichtig te voorschijn.

Al denkend dat het geen kwaad kon,
liet ik het kleine plantje staan.
Zo groeide het verder en het leek
een leuk boompje te zijn.

Toch, met het verstrijken van de jaren
ontnam het meer en meer datgene
wat de andere plantjes nodig hadden
en zij verdwenen volledig uit het zicht.

Ik vroeg mij af: moest het boompje soms weg?
Ach, dacht ik, het kan nog wel.
Gewoon even wat nieuwe plantjes
en tevreden keek ik naar wat ik had verricht.

Maar op een dag
bleef het donker in mijn huis.
Het boompje was nu een boom
en had al het licht in mijn huis ontnomen.

Nu moest de boom toch echt verdwijnen
en dat had heel wat voeten in de aarde.
Beetje bij beetje werd hij in stukken gezaagd
en door de tuinman meegenomen.

Verdrietig bedacht ik mij dat ik het boompje
eerder weg had moeten halen.
Maar ik heb een nieuwe kans,
dacht ik, bij het naar binnengaan.

Weer terug in mijn huis werd ik begroet
door een zee van licht en warmte.
Ik keek naar buiten
en zag de zon weer aan de hemel staan.                         

Een bolwerk begint maar klein
en je denk misschien;
ach, hoe erg kan dat zijn.
Maar voor je het weet
ontneemt het op Hem je zicht
en moet er voor het weg is
heel wat werk worden verricht.

God heeft ons
de juiste middelen gegeven
om bolwerken te beslechten
in ons leven.
Wees krachtig en sterk in de Heer;
trek Zijn wapenrusting aan.
Zo kun je als de boze komt,
met al zijn listen en bedrog,
fier en sterk blijven staan.

©
Rita Klapwijk

Geen opmerkingen:

Een reactie posten